TobSport.nl weblog over topsport.

Entries from december 2008

Dé sportmannen van 2008:

december 29, 2008 · Laat een reactie achter

Olympiërs Usain Bolt en Michael Phelps

 

Door GERSON HEIDINGA, TobSport.nl

Gepost op: 21-12-2008.

 

 

Maarten van der Weijden werd deze maand uitgeroepen tot de terechte Nederlandse Sportman van het Jaar 2008. Hij won van de Sportman van vorig jaar, Sven Kramer en wielerbelofte Lars Boom. Zijn memorabele dankjewel-speech werd tevens zijn afscheidsrede, op 27-jarige leeftijd. Hij wil zijn energie nu steken in het worden van een beter mens in plaats van het worden van een betere zwemmer, zo vertelde hij onlangs aan Wilfried de Jong in HollandSport. Van der Weijden werd glansrijk kampioen zwemmen in open water gedurende 10 km op de Olympische Spelen in Beijing. Zijn tijd: 1.51.51. Een markant feit: in 2001 overwon hij acute leukemie, na een halfjaar ziekenhuis en 4 chemokuren. In 2003 nam hij al weer deel aan wedstrijden. Hij won prompt het NK 800 meter vrij. Nog een markant feit via Wikipedia: in 2004 zwom hij het Ijsselmeer over in een recordtijd van 4.20.48. In 2008 werd hij wereld- en Olympisch kampioen. Nogmaals: een zeer terechte Sportman van het Jaar.

 

Wereldsportman-van-het-Jaar

 

Maar als het gaat om de Wereld-Sportman van het Jaar komen er twee namen in aanmerking volgens TobSport. Twee mannen die dermate wisten te domineren in hun specifieke takken van sport, dat zij beiden als beste van het afgelopen jaar moeten worden bestempeld. Twee mannen die uitkomen in klassieke sporten. Waarbij al jarenlang tegen dezelfde scherpe records wordt gevochten. Waarbij een pure strijd wordt gevoerd met het eigen lichaam in constant gebleven omstandigheden (zwempakken buiten beschouwing gelaten). Twee mannen die uitkomen in sporten die zich richten op de meest voor de hand liggende strijd in de geschiedenis sinds de uitvinding van het uurwerk: de race tegen de klok en de vraag: wie is de snelste?

 

De twee sportmannen van 2008 zijn:

 

Michael Phelps.

 

In 1972 behaalde zwemmer Mark Spitz (VS) zeven keer goud op de Olympische Spelen. Michael Phelps wist dat record in Athene in 2004 al bijna te verbreken met zes gouden medailles (en twee bronzen). In Beijing zou het hem lukken. Phelps zwom 8 gouden medailles bij elkaar en werd daarmee de beste zwemmer ooit. En de beste zomerolympiër, met al 14 gouden plakken en twee bronzen. En met 7 verbroken afstandsrecords op de Olympische Spelen van 2008. En dat was blijkbaar zo voorbestemd. Phelps dankt zijn Olympische prestatie deels aan teamgenoot in de 4×100-meter-estafette Jason Lezak, die met een buitengewone prestatie, in de laatste baan, op de laatste meters net iets eerder wist aan te tikken dan zijn Franse rivaal. Zelf wist Phelps de 100 meter vlinderslag in zijn laatste slag met 0.01 seconde voorsprong te winnen in een ware foto-finish met zijn Kroatische rivaal Cavic. Cavic is de snelste zwemmer op de eerste 50 meter van de 100-meter, terwijl de diesel van Phelps de snelste tijden over het laatste deel van de 100-meter neerzet. De race verliep volgens verwachting, Cavic met de snelle start, ingehaald door Phelps. Ze bereiken de muur tegelijkertijd. Cavic tikt onder water aan, maar Phelps is sneller boven water.    

 

Pieter van den Hoogenband’s coach Jacco Verhaeren pleitte onlangs met succes voor een duidelijkere regulering met betrekking tot de vorm waarin zwempakken worden toegestaan in de toekomst. Zwemrecords vielen bij bosjes de laatste jaren. Als het zwempak minder en pure techniek weer meer belangrijk worden gemaakt in de zwemsport, zou het record van Phelps nog wel eens lang stand kunnen houden. En terecht. De man werkte onmenselijk hard onder de strakke regie van coach Bob Bowman om deze prestaties te kunnen leveren. Hij werkte oefeningen af die per dag 10.000 calorieën aan brandstof vroegen. En train je op dezelfde manier, dan nog dien je te beschikken over twee talenten, die Phelps van nature bezit: een spanwijdte van 79 inches en een enorm aangeboren talent hebben om de hele dag op één oor te kunnen liggen. Om te herstellen en te slapen en nog meer te slaaaaaapen…

 

Usain Bolt.

 

Usain Bolt werd door zijn coaches het meest geschikt geacht voor de 200- en 400-meter gezien zijn lichaamsbouw (lange passen, dus meer gechikt voor de langere sprintnummers) . Usain zelf loopt het liefst het koningsnummer: de 100-meter sprint. Al een jaar nadat hij zijn eerste officiele 100-meter loopt pakt hij het wereldrecord op die afstand (mei 2008). Usain Bolt liet dit jaar ook nog de beste snelheidsdemonstratie ooit op een atletiekveld zien. Zijn enthousiaste en energieke stijl, die zeker tot uiting komt in de voorbereiding en de aanloop naar de wedstrijd, maken hem tot een instant-publiekslieveling. We beginnen bij de laatste kwalificerende ronde. Bolt spant zich de eerste meters in, haalt een ongekende topsnelheid en ziet dan dat hij lichtjaren voor ligt op de concurrentie. Dan is het alsof en parachute vanuit zijn achtereind zorgt voor een geleidelijke teruggang in snelheid, tot een slap sukkeldrafje over de finishlijn. Hij loopt ondanks zijn afsluitende jog een tijd van 9.92. Een tijd die hem goud had opgeleverd op alle Spelen van Barcelona in 1992 en terug.

 

Sprong in de tijd. De dag van de finale van de 100-meter-sprint. Bolt eet ’s ochtends zijn Chicken McNuggets, weet Sports Illustrated. Het stadion zit vol, lang voordat de actoren hun gezicht laten zien. Bolt staat klaar voor de finale 100-meter sprint in Beijing. Zijn gebruikelijke opwepende gedragingen zijn een graadmeter van zijn zelfvertrouwen. De toeschouwers in Beijing smullen ervan. Het startschot gaat en Usain laat al zijn krachten los op de baan. Met één veter los, gedurende de hele race. Hij geeft al zijn concurrenten het nakijken en ‘cruist’ over de finish-lijn. Hij remt weer af. Zijn wereldrecordtijd van 9.69 seconden moet daarom door hemzelf te verbeteren zijn. Hij wist in deze race al een topsnelheid van net onder de 44 kmpu te behalen, harder dan Powell, Ben Johnson, Lewis of Bailey ooit gingen. En deze topsnelheid wist hij ongekend lang vol te houden op de baan. Zijn start was daarbij sneller dan de superstart van een Ben Johnson onder de stanozolol in 1988. Ook het wereldrecord op de 200 meter blijkt niet veilig voor Bolt. Hij zet een tijd van 19.30 neer. En daar ging een 12 jaar oud record van Michael Johnson op de Spelen van ’96, waarvan men dacht dat het nooit meer gebroken zou worden. De tegenwind maakt dat ook deze prestatie gemakkelijk voor verbetering vatbaar zou moeten zijn. Tenslotte wist Bolt zijn teamgenoten te inspireren tot een wereldrecord voor Jamaica in de 4×100-meter-estafette.

Lees het hele artikel op de top-sportsite TobSport.nl, met o.a. TobSport’s goede voornemens voor 2009!

 

Categorieën: Zonder categorie

Vechtsporten en criminaliteit

december 29, 2008 · Laat een reactie achter

Train je om te vechten of juist om niet te vechten?

 

Door GERSON HEIDINGA, TobSport.nl

Gepost op: 19-12-2008.

 

Onderwerpen in dit artikel:

 

·          Vechtsporters in de onderwereld

·          K1: Remy Bonjasky tegen Badr Hari en Braziliaans Jiu-Jitsu: de Gracie-familie

·          Onderzoek: Bevordert vechtsport agressiviteit of juist beheersing?

·          Capoeira: de dans-vechtkunst van de slaven

·          Kickboksprofs, vanaf 9 jaar oud

 

Met dank aan Erwin voor de inspiratie…

 

Vechtsporten dragen al sinds lange tijd een zwaar en zwart stempel met zich mee. Een stempel van verregaande verwevenheid van de vechtsportwereld met de onderwereld. In hoeverre is dit terecht? Trekt het karakter van het vechten de verkeerde figuren aan of gaat het om incidenten? Stimuleren de sporten een toenemende mate van agressie bij de beoefenaars of leren zij zich juist beter te beheersen? Iedereen kent wel de verhalen uit de krant, waarin voormalige kampioenen ten slachtoffer vallen aan afrekeningen in het criminele circuit. Of waarin zij als dader gepakt worden. De ‘klassieke’ inleiding bij de berichten luidt dan altijd als volgt: Potige en getrainde vechtjas wordt ingezet als portier bij een etablissement vol lastige klanten. Daar doet hij contacten op, die voor goed betaalde ‘klusjes’ zorgen. Door de goede verdiensten ontstaat de mogelijkheid meer tijd aan training te besteden…

 

Maar is dit algemene beeld wel terecht? Of moet de oorzaak van het negatieve beeld van de vechtsportwereld toch gezocht worden bij ‘de media’, die maar al te graag berichten over min-of-meer bekende sporters die de fout in gaan? Het volk smult ervan! Het leest ook zo lekker weg. De voormalig kickbokskoning, die langzaam wegzakte in het moeras van de onderwereld en uiteindelijk zelf het loodje legt. Eindigend in een blok cement op de bodem van een gracht. In dit artikel komen individuele voorbeelden aan bod van criminele vechtsporters. Daarnaast richten we ons op onderzoeken naar de samenhang tussen het beoefenen van vechtsport en agressie en crimineel gedrag. Ook voorbeelden uit het verleden komen aan bod. Aan het einde van het artikel trekt TobSport zijn conclusie…

 

Voorbeelden van criminele vechtsporters

 

Gerlof Leistra publiceerde in 2007 in Elsevier over vechtsporters in het criminele circuit. Met naam en toenaam. Hij geeft aan, dat “vechtsporters onder meer betrokken zijn bij afpersing, handel in drugs en liquidaties”. En dat er al vanaf de jaren ’70 “nauwe banden bestaan tussen vechtsporters en de criminaliteit”. Hij haalt als een van de initiatoren de koning van de Wallen aan, Zwarte Joop, die gebruik maakte van een knokploeg om de rosse buurt schoon te houden. Zijn adjudant was Chris Dolman, een van de eerste Nederlandse freefighters. Leistra geeft aan, dat “onder andere Olympisch kampioen Wim Ruska tot het omvangrijke portiers- en beveiligingsnetwerk behoorde”. In de jaren ’80 werkte wereldkampioen kickboksen André Brilleman voor de Nederlandse ‘godfather’ Klaas Bruinsma. Totdat hij probeerde een loopje te nemen met Klaas. Hij eindigde in stukken gehakt, in een olievat, gegoten in beton, op de bodem van de Maas.

 

De lijst met namen die Leistra opsomt gaat maar door: sportschoolhouder Jan Plas, bokser Rudi Koopman, kickbokser Peter Smit, kickbokser Koen de Nijs, freefighter Huseyin Cift en bokser Unsul Altintay. Allemaal kampioenen. Een andere bekende, criminele sporter was wereldkampioen boksen Nordin Ben Salah, die in Amsterdam werd geliquideerd in 2004. Leistra: “volgens ingewijden rekruteerde Ben Salah huurmoordenaars en wist hij daardoor te veel”. In 2007 schreef Leistra over “de meest gezochte crimineel van het moment”, Dino Soerel. Een man die geregeld in de ring stond als freefighter. Een man die tot de Holleeder-kliek gerekend mag worden en verdacht wordt van betrokkenheid met de geruchtmakende moord op crimineel en kroegbaas Thomas van der Bijl in 2006. Hij is tot op heden nog steeds voortvluchtig.

 

Een andere link met criminaliteit is ontstaan door de populariteit van vechtsport als entertainment. De gala’s trekken volle zalen. Er kan verdiend worden op entreeprijzen, vip-arrangementen, gokken, sponsorcontracten en het verpatsen van uitzendrechten. Ook de vechtsporters zelf zoeken de criminaliteit op met als grootste drijfveer: veel geld verdienen in korte tijd. Leistra wijst op de Brabantse crimineel Ron Nygvist. Hij is eigenaar van het Golden Glory-team, dat hij runt vanuit de gevangenis (daarover later meer). Met onder andere K1-kampioen Sem Schilt onder contract. Toch waarschuwt Leistra tegen generalisatie: “het merendeel (van de vechtsporters, red.) houdt zich verre van misdaad en gruwt van de wijze waarop de sport in een kwaad daglicht wordt gesteld” en hij geeft daarna nog voorbeelden van maatschappelijk geslaagde ex-vechtsporters.

 

Op zijn weblog geeft hij later een reactie op de verhitte discussie, die losbarstte in de vechtsportwereld, na het verschijnen van zijn artikel: “veel betrokkenen zeggen het geschetste beeld te herkennen” en “de officiële bonden doen naar eigen zeggen hun best ‘rotte appelen’ te verwijderen”, maar “het royeren van criminelen komt zelden voor”. Een probleem is, dat “geroyeerde leden eigen sportbonden beginnen” en een oplossing zou kunnen zijn dat gekozen wordt voor het Franse model, “waarbij alleen leden van de officiële bond een zaal mogen huren en les mogen geven”.

 

Slaap gerust, Oom Agent zit er bovenop…

 

Justitie volgt de vechtsportwereld op de voet. Het Wetenschappelijk Onderzoek- en Documentatie Centrum (WODC) van het Ministerie van Justitie publiceerde in 2002 in haar “Justitiële verkenningen” een verzameling onderzoeksartikelen, onder de titel: “Sport en criminaliteit”. In het voorwoord van de publicatie wordt een duidelijke constatering geschetst: “Met de toenemende verzakelijking van de sport komen steeds meer zaken aan het licht die moeilijk anders dan crimineel genoemd kunnen worden”. Er wordt gesproken over “subculturen, waar afwijkende normensystemen floreren.”

 

De Brusselse onderzoeker Marc Theeboom geeft aan, dat “vechtsporten met name bij jongeren een grote en groeiende populariteit kennen in de Westerse wereld”. Theeboom kent de verschillende associaties met vechtsporten: criminaliteit, geweldpleging en agressie aan de ene kant, en de persoonlijkheidsvormende en opvoedende werking aan de andere. Hij onderscheidt drie beoordelingskaders (zienswijzen, uitgangspunten) voor vechtsporten:

 

1.        Traditioneel/holistisch: het accent ligt op de eenheid van fysieke en spirituele aspecten (vechtkunsten).

2.        Utilitair: het oefenen van technieken voor een echte confrontatie.

3.        Sportief: vechtsporten zijn onderdeel van het brede spectrum van de sport, die in competitieverband worden beoefend en waarbij technieken zijn gereguleerd.

 

Voor NOC/NSF onderzocht Theeboom de effecten van vechtsportbeoefening onder jongeren. Hij ondervroeg hierbij jonge sporters, ouders en trainers. Hij concludeerde dat het beoefenen van vechtsport agressie niet in de hand werkte, doordat de mentale weerbaarheid van jongeren verbeterd wordt en er zo in conflictsituaties juist minder fysieke confrontatie wordt gezocht. De jeugd gaat geen vechtsport beoefenen om beter te kunnen vechten of zich beter te verdedigen. Jongeren ‘gaan op een vechtsport’, omdat vriendjes en vriendinnetjes dat doen, of omdat ze gestimuleerd worden door hun ouders. Net als bij alle andere sporten. Ouders sturen hun kind trouwens wel naar een sportschool om zich te leren verdedigen.

 

Rolmodellen in de vechtsport: opleiders en vedetten

 

Een belangrijk effect van het beoefenen van vechtsport is positief volgens onderzoeker Theeboom: jongeren kunnen zich beter redden in conflictsituaties. Ze zijn meer mentaal weerbaar, meer zelfverzekerd en proberen door assertief handelen de fysieke confrontatie juist te vermijden. “Ik weet dat ik met een schouderworp eenvoudig iemand kan vloeren. Daarom doe ik het niet”, zegt een 8-jarige judoka. Een andere belangrijke conclusie is dat de trainer een belangrijke rol vervult. Ze zijn bepalend voor de wijze waarop een jongere vechtsport beleeft. Trainers zien dit feit ook in. Ze weten dat naast het doceren in technieken van hen een pedagogische en opvoedende taak is weggelegd. Veel hangt af van het vermogen om de juiste normen en waarden over te brengen. En het belang van normen en waarden wordt het meest benadrukt in de traditionele vechtsporten. Theeboom concludeert dan ook dat de Oosterse vechtsporten (die zich deels richten op de ontwikkeling van het individu, met respect voor de omgeving en eenheid van lichaam en geest) een duidelijke meerwaarde hebben ten opzichte van de meer prestatiegerichte sporten.

 

Het belang van het hebben van een trainer, die je meer kan bijbrengen dan slechts vechttechnieken werd onlangs mooi geëtaleerd in het jaarlijkse toernooi om de K1 World Grand Prix in het Tokyo Dome. De term ‘K1’ staat voor karate, kung fu en kickboksen en de sport is wereldwijd populair. Nederland is van oudsherre een sterk vechtsportland en ook in deze sport is het raak: 13 van de in totaliteit 16 gehouden K1-toernooien hadden Nederlandse eindoverwinnaars. De Nederlanders Remy Bonjasky en Badr Hari (komt uit voor Marokko) vochten om het K1-kampioenschap. Bonjasky leidde in de finalewedstrijd op punten. Volgens Bonjasky wierp Hari hem op de grond. De scheidsrechter legde de wedstrijd stil. Daarna kreeg Bonjasky liggend nog twee klappen en een schop tegen de zijkant van zijn hoofd te verwerken.

 

Totally unsportsmanlike. Hari werd direct gediskwalificeerd, waarna Bonjasky op de meest vervelende manier kampioen werd. Mogelijk hebben trainers Hari voldoende ingewijd in het hebben van respect voor de tegenstanders, in de ring was het niet te zien. Een slecht rolmodel voor jonge vechtsporters, wat mij betreft. Leon Verdonschot keurt het gedrag van Hari af en wist het in zijn column voor Sp!ts treffend te verwoorden: “Het blijft een besmette sport, thai- en kickboksen, besmet door de bijsmaak van penoze. Doodzonde, en juist daarom moet iedere uitwas die deze bijsmaak bevestigt, hard worden aangepakt. Wat jij zaterdagavond liet zien degradeerde een internationale topsport tot ordinair straatvechten. In de tweede rond ging Bonjasky onderuit, zoals jij dat in de eerste ronde al was gegaan. Wat volgde waren beelden die een interessante karakter- (of wellicht zelfs cultuur-)studie van jou op kunnen leveren, maar met sportiviteit werkelijk niets te maken hadden.

Lees het hele artikel, onder andere over Aikido, Capoeira en Gracie-Jiu-Jitsu op de site TobSport.nl!!

Categorieën: Zonder categorie

Virtueel sporten

december 12, 2008 · Laat een reactie achter

De toekomst van sport in de 21ste eeuw?


 


Door GERSON HEIDINGA, TobSport.nl


Gepost op: 24-11-2008.


 


Want zeg nu zelf: ook al moet u niets hebben van innovaties als de Nintendo Wii, als in de toekomst al uw teamgenoten een digitaal trapveldje hebben ontdekt om zich te vermaken, staat u daar maar mooi te verpieteren op het echte trainingsveld. In uw eentje. In de regen.


 


Onderwerpen in dit artikel:


 


·          De Nintendo Wii


·          De sports-games Football Manager en NBA Live


·          ‘Virtual Fitness’


·          Revalideren in een virtuele omgeving


 


TobSport nam u dit jaar al tweemaal mee in het huwelijk van hoogstaande techniek met topsport. U kunt dit artikel zien als een deel 3 over de succesvolle combinatie van praktisch toegepaste wetenschap en topsport. Toch ligt de ‘scope’ van dit artikel weer net iets anders. In dit artikel komen moderne trends aan bod, die techniek en sport samenbrengen in een virtuele wereld, waarbij het eindproduct beschikbaar is voor topsporters, maar ook en soms al eerder voor Jan-met-de-pet. En dat zijn u en ik, als consumenten op de markt voor multimediale consumentenproducten. Lopen wij dan als amateurs eens voorop bij de adoptie van vernieuwende sportontwikkelingen en -toepassingen? Gaat dit artikel soms over amateursport en computerspelletjes? En is dit dan nog wel een TobSport-waardig topsport-gerelateerd artikel?


 


Dit onderwerp diskwalificeert zichzelf niet, door buiten de kaders van deze site te treden, omdat de beschreven technieken impact hebben op de vorming van de komende generatie topsporters. Sommige technieken hebben zelfs al een sterke invloed op de topsporters van vandaag. Denk bijvoorbeeld eens aan technieken, die al toegepast worden bij het revalidatieproces van topsporters (simulatoren, games, analyses, etc.). Maar het onderwerp is breder gekozen: het toepassen van innovatieve, multimediale technieken in de sport in het algemeen en aan de top in het bijzonder heeft ook invloed op de manier, waarop wij als individuen sport bedrijven. En gaan bedrijven. Want zeg nu zelf: ook al moet u niets hebben van een innovatie als de Nintendo Wii, als straks al uw teamgenoten een digitaal trapveldje hebben ontdekt, staat u daar maar mooi te verpieteren op het echte trainingsveld. In uw eentje. In de regen.


 


Een definitie van het begrip ‘Virtual Sports’


 


Het begrip virtuele sport is breed. Breder dan Mike Tyson. Het wordt gebruikt voor meerdere, van elkaar verschillende zaken. Doe de Google-test maar eens. ‘Virtuele sport’ omvat computergames, virtuele simulaties, weddenschappen via het internet op echte sportwedstrijden, sportmanagementspellen, trainingsmethoden en wedstrijden, therapie en oefeningen bij revalidatie en puur virtueel entertainment. In dit artikel komen voorbeelden aan bod die het begrip ‘virtuele sport’ kunnen duiden. Ze geven een goed beeld van de creativiteit en professionaliteit van de computerprogrammeurs en –designers, die een realistische, virtuele sportwereld weten te scheppen, die al voor een ieder van ons toegankelijk is. Een wereld, die ons sportleven en bijbehorende handelingen verdiept, uitbreidt, vereenvoudigt en stimuleert. Tobsport neemt u mee in de wereld van het ‘virtuele sporten’. Een begrip dat volgens deze schrijver gedefinieerd moet worden als: “het uitvoeren van een sport of sportief proces, met behulp van technisch hoogwaardige hulpmiddelen, die een realistische simulatie kunnen realiseren en een duidelijke connectie hebben met de sportieve doelen in de echte wereld”.


 


1.   De Nintendo Wii: een innovatieve bewegings-tool


 


De meest originele en innovatieve gamesconsole-firma ter wereld verzon een prachtige, voor het grote publiek toegankelijke speltoepassing, die de wereldbol in razendsnel tempo veroverde. Hail Nintendo!  Dat laatste voor de hoop, die de Japanners ons geven als het gaat om het terugbrengen van het stelselmatige overgewicht, waaronder het gros van de Nederlandse koters tegenwoordig gebukt gaat. Met de ‘Wii’ wordt bewegen weer leuk. Welke whizzkid voelt zich nu niet uitgedaagd om als professionele sporter strijd te leveren in een virtueel stadion en zich echt in het zweet te werken voor een goed resultaat? Het einde van een generatie van kamerolifantjes en couch-potatoes is aangebroken.


 


Het originele product van Nintendo overbrugt ook de kloof tussen de generaties. Bekijk de film voor een voorbeeld van de introductie van de Wii in een bejaardentehuis. De ouderen weten de nieuwe vinding te waarderen als het gaat om het spelplezier en de jonge bezoekers kunnen echt even ‘levellen’ met de ouderen: zich even een voelen met hun wortels, op een gelijk niveau communiceren en zich in elkaars gedachtenwereld verplaatsen. Prachtig. Jeugd en ouderdom komen samen. Alleen kunnen eventuele Tweede Wereldoorlog-games voor de Wii beter maar niet naar binnen gesmokkeld worden. Een voormalige ijzervreter zou maar zo het contact met de realiteit kunnen kwijtraken en in zijn enthousiasme letsel kunnen toebrengen aan personeel en bezoekers.


 



 


Leerlingen van het Elde College uit Schijndel lieten ouderen in het Monsigneur Bekkershuis uit hun woonplaats kennis maken met de Wii. De bewoners zijn zeer enthousiast. Nintendo en wijzelf moeten natuurlijk nog wennen aan de mogelijkheden die het innovatieve platform biedt. Voorlopig is de enige beperking voor de gamesfirma de eigen fantasie en voor ons als gebruikers het leren van het spelen met de Wii. Een mooi voorbeeld van dat leerproces komt van de website van 3FM-Dj Bart Arens. Voor 3FM mocht hij een game-review maken van het spelen met de Wii (terwijl hij zelf was gestopt met ‘gamen’ half jaren ’90, op een Amiga 500, uit een prehistorisch games-tijdperk). Op zijn website heeft Arens zijn ervaringen opgetekend: “Maak het armbandje van de controller goed vast!, alarmeert de Wii game console voorafgaand aan het eerste spel. Reden? In het verleden zijn er al iets te veel prijzige plasmaschermen gesneuveld, dankzij fanatieke sportievelingen, die niet alleen de virtuele bal, maar ook de werkelijke controller in een rechte lijn naar de televisie wierpen. Leg maar eens aan je vader uit, dat er 5000 euro aan diggelen ligt. Ehm, pap. Wii have a problem…


 


Arens neemt het op tegen een meer doorgewinterde gamer in 3 sportspellen. Over tennis op de Wii: “De service voelt vanzelfsprekend, je voelt de bal echt op je ‘racket’ komen, vanaf service nummer 1 kwam de bal keurig binnen de lijnen aan de overkant, het kiezen tussen backhand en forehand was af en toe lastig”. Over Bowling: “Het scoren vond ik iets te makkelijk gaan, leuk detail: achteruit gooien met de bal is ook mogelijk”. Tenslotte wordt er gehonkbald: “Ik vind het verrassend hoe snel je opgaat in de game. Ik sta echt met de knieën gebogen met het slaghout naar achteren. Zelfs bij de kleinste beweging zie je de knuppel op het beeldscherm precies hetzelfde doen. Het werpen is makkelijker dan het slaan, je slaat vaak mis. Stukken realistischer dan tennis en bowlen wat mij betreft!” Arens verliest uiteindelijk met 1-2 van de meer ervaren gamer. Zijn openingsquote over gevaar voor schade bij het spelen met de Wii wordt gestaaft door onderzoek. De Belgische krant De Morgen weet te melden, dat in een onderzoek met 1.000 Britse Wii Fit-gebruiksters een 5de deel ongelukjes had gehad bij het gebruik van de Wii Fit. Die ongelukjes varieerden van “het botsen tegen het meubilair, het stoten van het hoofd of het verrekken van spieren”. Het wachten is dus op het opnemen van het begrip ‘Wii-blessure’ in de dikke Van Dale.


Klik hier om het hele artikel te lezen op de site TobSport.nl


 

Categorieën: Zonder categorie
getagged: , , , ,

Dit seizoen in de NBA

december 12, 2008 · Laat een reactie achter

Wie gaan er vlammen in de play-offs?

 

Door GERSON HEIDINGA, TobSport.nl

Gepost op: 12-11-2008.

 

“In Amerika werd hetshow-basketball’ gepropagandeerd, met een nadruk op individuele supersterren, die in isolatiesituaties de meest spectaculaire acties lieten zien. In Europa overheerste het teamspel en de bewegingen uit het boekje: waarom risico nemen met een dunk, als een simpele ‘lay-up’ kan volstaan ?

 

De USA blijven het ware basketball-walhalla

 

Deze zomer pakte ‘USA Basketball’ zijn kroon terug als mondiale heerser. De kroon, die men verloor in Athene met een middelmatige en disfunctionele groep basketball-spelers. Op de Olympische Spelen in Beijing maakten zo ongeveer de beste Amerikaanse basketballers van het moment korte metten met alle tegenstanders. Toch moeten de Amerikanen nog steeds met respect spreken over de geboden tegenstand door de rest van de wereld. Respect, dat pas sinds een jaar of tien echt fundament heeft gelegd in het hoofd van de gemiddelde Amerikaanse basketball-fan. Die Amerikaan werd heropgevoed door onder andere Drazen Petrovic en Toni Kukoc uit Joegoslavië in het beheersen van ‘fundamentals’, de meest fundamentele speltechnieken van het basketball. Die basistechnieken bestaan in grote lijnen uit teamspel en individuele bewegingen en acties. In Amerika werd hetshow-basketball’ gepropagandeerd, met een nadruk op de individuele supersterren, die in isolatiesituaties de meest spectaculaire acties lieten zien. In Europa overheerste het teamspel en de bewegingen uit het boekje: waarom risico nemen met een dunk, als een simpele lay-up volstaat. Of een drie-puntsschot van grote afstand. Ja, vooral die drie-punter, daar houden we hier van!

 

Hoe Europa de NBA veranderde …

 

Toen de beste Europese spelers goed genoeg waren geworden voor de NBA, veranderden ze de league langzaam maar zeker. Lange mannen als Vlade Divac en Rik Smits (en later Dirk Nowitzki en Pau Gasol) lieten zien dat een man onder het bord ook weer effectief van afstand zou kunnen schieten. Ze luidden een terugkeer in van de center, die meer op finesse dan op kracht speelt. In de NBA spelen op dit moment nog maar twee teams met een dominante center, die zijn werk op kracht uitvoert. Deze teams zijn de Suns met de dinosauriër Shaquille O’Neal en de Orlando Magic met Olympiër Dwight Howard. Alle andere teams maken weer gebruik van een schutter of passer op de center-positie of een undersized rebounder en verdediger.

 

Europese guards toonden het belang van de driepunter in het basketball aan. De passende, niet-zelfzuchtige spelverdeler keerde terug, nadat John Stockton als laatste der Mohikanen bijna het licht uit had moeten doen. Later bleken spelers van alle werelddelen goed genoeg te kunnen basketballen om iets toe te voegen aan de NBA. Allemaal namen ze hun ervaring mee. Het teamspel in de NBA werd weer meer benadrukt. De slaapverwekkende isolation-plays werden minder toegepast. Teams gingen weer rennen. Teams begonnen weer meer te scoren, als in de oude dagen van de NBA. Zelfs de zo gevreesde zone-verdediging bleek het scoregeweld niet af te kunnen stoppen. We schieten gewoon wat meer drie-punters met zijn allen! En ook de één-tegen-één-situaties (door de supersterren, voor de liefhebbers) bleven bestaan. Gelukkig maar. Want juist het spel van de supersterren maakt de NBA tot de NBA. In Europa is er maar weinig ruimte voor individuele atletische uitspattingen.

 

Dit seizoen in de NBA …

 

Het einde van vorig seizoen stond wederom in het teken van een revival van het pure basketball van weleer. Door een heerlijk onderonsje in de NBA-finale. Een oude rivalry werd in ere hersteld, want de Boston Celtics en Los Angeles Lakers troffen elkaar. De Lakers speelden in hun vertrouwde Hollywood-huisstijl: offensief, snel basketball met aanvallen over vele schijven. De Celtics legden als vanouds de nadruk op een goede teamverdediging en individuele hoogstandjes van scorers door goed teamspel. De Celtics wonnen en waren duidelijk de sterkere partij. Het NBA-seizoen 2008-2009 begon deze maand. Zouden de Celtics ook dit seizoen de sterkste zijn? Of krijgen de Lakers hun kans op revanche? In het off-season hielden de meeste NBA-clubs zich rustig. TobSport vraagt zich af met welke teams dit seizoen rekening gehouden moet worden en wie de smaakmakers worden onder de spelers. TobSport presenteert u twaalf teams, zes uit de Western Conference en zes uit de Eastern Conference van de NBA. Deze teams ziet u terug in de play-offs. Daar zullen ze hoge ogen gooien en de dienst uit gaan maken. U kunt uw huis dus alvast veilig gaan inzetten op deze teams.

 

NBA, Eastern Conference

 

Boston:

De Celtics veranderden maar weinig aan hun kampioensteam. Paul Pierce gaat door met scoren, de breekbare Ray Allen blijft raak schieten (maar is een risicogevalletje) en point-guard Rondo en center Perkins spelen hun rol steeds beter. Rondo bedient de scorers met de snelheid van het licht en moet verder open schoten maken en goed verdedigen. Zesde man James Posey, de belangrijkste verdediger van het team, na superster Kevin Garnett, vertrok. De Celtics laten op dit moment zien, dat een individuele uitspatting, bovenop het goede teamspel, genoeg is voor overwinningen. Tegen de tijd van de play-offs zal duidelijk worden of de belangrijke spelers nog overeind kunnen staan en of de bankspelers goed genoeg zijn. Voor dit seizoen geldt wederom: de enige die Boston stopt, is Boston zelf.

Klik hier om het hele artikel te lezen op de site TobSport.nl, inclusief de beschrijvingen van 12 andere teams…

Categorieën: Basketball · NBA
getagged: , , , , , ,

TobSport-intermezzo: WebSport-TV deel 3.

december 12, 2008 · Laat een reactie achter

WebSport-TV

Volume 3: Voetbalhumor, enkele treffende voorbeelden

 

Door GERSON HEIDINGA, TobSport.nl

Gepost op: 04-10-2008.

 

Een positieve start in Europa, maar niet op het hoogste niveau

 

Terwijl PSV dit seizoen roemloos ten onder lijkt te gaan in de Champions League is onze hoop gevestigd op de Eredivisieclubs, die uitkomen in de UEFA-cup. De meest aansprekende namen, Ajax en Feyenoord, lijken dit seizoen nog te jong en onervaren te zijn (Ajax) of te geblesseerd en onvoldoende op elkaar ingespeeld (Feyenoord) om potten te kunnen breken. Ajax kan alleen ver komen als het Van Basten-effect zorgt dat de jonge talenten boven zichzelf uitstijgen in de Europese wedstrijden. Had iedereen maar die brutale Enoh-mentaliteit! Feyenoord kan slagen in het toernooi om de UEFA-cup als Makaay zorgvuldig omgaat met zijn kansen en de verdedigers elkaar gaan ‘lezen’. Had iedereen maar die onverwoestbare en onverzettelijke Hofland-mentaliteit!

 

Heerenveen lijkt nog te weinig ervaren profs te kunnen opstellen om in Europa sterkere tegenstanders te verslaan. Had iedereen maar het vermogen om in belangrijke wedstrijden altijd een stapje extra te doen, zoals Daniel Pranjic. Bij NEC gaan ongetwijfeld spelers met shirt-over-het-hoofd-en-al in de catacomben verdwijnen. Of ze komen te laat voor vertrek met de bus of slaan thuis hun vriendin elkaar. Mario Been verdient beter. FC Twente verloor een geniaal middenveld aan Feyenoord en Schalke ’04 (El Ahmadi en Engelaar) en lijkt nu wel erg afhankelijk te zijn van krachtmens Blaise N’Kufo. Dit seizoen zal men de beugeldop nog niet van de Grolsch Veste kunnen laten ploppen om het winnen van een prijs te vieren. TobSport houdt de positieve ‘spirit’ erin en gelooft in het potentieel aan talent bij de vertegenwoordigende elftallen. Met uitzondering van Feyenoord (veel belangrijke, oude spelers) lijken de clubs te beschikken over een behoorlijk aantal talenten met een grote ‘upside’, die nog jong genoeg zijn om de eerstkomende twee, drie seizoenen (nog) niet te vallen voor het geld in de grote competities.

 

Deze positieve TobSport-‘spirit’ wordt onderstreept met de volgende vijf combinaties van een voetbalanekdote uit het verleden met een grappig of opmerkelijk voetbalfragment (plus een bonus-anekdote en -fragment). Na het artikel gelezen en bekeken te hebben weet u precies wat er onder het begrip ‘voetbalhumor’ wordt verstaan. De anekdotes komen uit verschillende bronnen en zijn verzameld op de site http://www.voetbalhumor.nl (tip!) en zijn hier geparafraseerd.

 

Ga er goed voor zitten en neem kennis van een flinke dosis voetbalhumor:

 

1.       Een blauw oog voor Dick Advocaat

 

Als eerste Nederlandse club toerde ADO uit Den Haag met wisselspeler Dick Advocaat in 1967 door de Verenigde Staten. Een demonstratiewedstrijd in San Francisco tegen Wolverhampton Wanderers uit de Premier League ontaardde in een massale vechtpartij. Rode kaarten, slaan, vechten op en naast het veld, kortom: een waar slagveld. Harry Heijnen van Den Haag krijgt die wedstrijd rood en meldt later tegenover De Haagsche Courant: “De jeugdige wisselspeler Dickie Advocaat wond zich op de bank dermate op, dat de Haagse driftkikker op een gegeven moment opsprong en woest een emmer met water de Wolverhampton dug-out inschopte. Alle Engelsen zeiknat, maar bovenal pisnijdig. Het gevolg was dat Dickie de volgende dag met een blauw oog naar Mickey Mouse in Disneyland ging. Na de veldslag was manager Eddy Hartmann des duivels. “Jullie moeten je schamen”, riep hij in de kleedkamer woedend uit. “Dadelijk komt mister Flyerty, de grote sponsor, binnen en dan zwaait er wat. Schandalig, wat jullie hebben geflikt.” En mister Flyerty zeilde binnen, en riep verrukt uit: “Het voetballen vond ik helemaal niks, maar dat fighting, well done boys, fantastic! Hier komen de fans voor!

 

Fragment: Schalke ’04 tegen Bayer Leverkusen. “Keeper schiet strafschop binnen, maar moet een goal incasseren op de weg terug naar het eigen doel” (te bekijken via de site www.tobsport.nl).

Klik op deze link om het hele artikel te lezen, inclusief de 6 filmpjes.

Categorieën: Zonder categorie
getagged: , , , , , ,