TobSport.nl weblog over topsport.

Entries from maart 2009

Voetbaltrainer: een hondenbaan

maart 31, 2009 · Laat een reactie achter

Over schalen met bittergarnituur en het knippen van gaten in het hek van een trainingsveld

Door SIEMEN STAMSNIJDER, voor TobSport.nl

Gepost op: 01-04-2009.

De lastigste baan ter wereld: voetbaltrainer. Het opportunisme regeert in de voetballerij en de trainer golft mee op de waan van de dag. Van de ene op de andere dag kan hij zomaar zonder werk zitten. Toch is medelijden misplaatst, door de vette oprotpremies die worden uitgedeeld.

Daarbij komt dat er vaak een goede reden is voor het grote aantal ontslagen: het gros van de trainers heeft een minimale toegevoegde waarde. Ze maken spelers niet beter, maar maken enkel hier en daar een afspraak over het gedrag en de positie op het veld en laten ze het verder op instinct uitzoeken. Het doceren van het positiespel is heilig en het verbeteren van de beslissingen, die een speler zelf maakt, in het veld, is daarbij minder van belang.

Er is onvoldoende aandacht voor het verfijnen van de techniek om meer rendement te kunnen behalen. Spelers zouden op een bepaalde leeftijd uitgeleerd zijn. Het nemen van verantwoordelijkheid in het veld door de spelers wordt onvoldoende gestimuleerd. Coaches laten spelers liever om pilonnen draven als hoofdzaak, terwijl ze het stratego van het internationale topvoetbal vergeten.

Mentale begeleiding van de spelers tot het bereiken van topprestaties wordt gezien als een soort new-age gewauwel. Een ver-van-mijn-bed-show voor de meeste trainers.

Een grote naam alleen is geen garantie voor succes

Juist de mannen binnen het professionele trainersgilde, die het best in staat geacht mogen worden het voetbalinstinct in goede banen te leiden, staan dit seizoen hevig onder vuur. Bij Ajax krijgt Marco van Basten nogal eens het stempel van de totaal onervaren coach. Terwijl hij juist de man is die een klasbak als Suarez de laatste, finale tips zou kunnen geven. Over hoe te passeren, temporiseren of het 16-metergebied binnen te vallen. Zonder nadruk op ‘vallen’.

Bij FC Utrecht werd Willem van Hanegem ontslagen vanwege het vermeende ontbreken van managementkwaliteiten. Hij verdween met de staart tussen de benen door een gat in het hek van het trainingsveld. Dat gat was daar geknipt op verzoek van Willem door een terreinknecht. Direct achter het gat stond de bolide van Van Hanegem geparkeerd, zodat hij snel kon vertrekken en de pers kon ontlopen. Willem zag er niet goed uit als het gaat om zijn rol bij het buitenwerken van de gehele technische staf, behalve hemzelf. Het zat hem dan ook niet lekker en hij gooide vervolgens zijn kont in de krib en noemde zijn werkgever een “duikboot”.

Maar Willem was juist wel de man, die een zeer modaal elftal beter kon laten spelen en spelers boven zichzelf uit kon laten stijgen. Beide heren kunnen over de belangrijke details in het voetbal onderwijzen, omdat ze het inzicht zelf verworven hebben door het zelf mee te maken. Ze waren topspelers. Met de juiste mensen om zich heen, die hun zwakten camouflereren, kunnen ze een elftal beter maken. Dat vraagt om een gedegen organisatie van diverse managementtaken, met de juiste personen op de juiste plekken en een goede begeleiding en controle.

En juist op het vlak van de begeleiding van de hoofdtrainer valt er nog het nodige te verbeteren bij Utrecht en Ajax. Bij Ajax is wel verbetering zichtbaar. Marco van Basten lijkt recent te ontdooien naar zijn spelers toe. Hij zal het voortaan wel uit zijn hoofd laten ze in de pers te fileren na slechte prestaties. Wellicht leveren de volgende 32 miljoen die hij spendeert ook sneller rendement op. Bij Utrecht lijkt men de les echter nog niet geleerd te hebben. Na het ontslaan van een complete trainersstaf was er nu weer een welles-nietes-spelletje met Gert Kruys, die verwachtte assistent-trainer te kunnen worden.

Goede resultaten zijn geen garantie voor een welwillende spelersgroep

Huub Stevens bij PSV en Gertjan Verbeek bij Feyenoord beten zich stuk op een onwillige spelersselectie. Ze wilden veranderingen doorvoeren, maar knalden op een muur van negativiteit. Om hun baan te behouden moesten ze concessies doen aan zichzelf. En dan gaat het geheid een keer mis. Het handhaven van de trainer is onmogelijk en een assistent neemt het over. Zowel bij Utrecht, PSV als Feyenoord presteren de selecties niet noemenswaardig beter na het ontslag van de coach.

Conclusie: een trainer heeft nog maar weinig invloed op het presteren van zijn team. Dat is maar voor enkelen weggelegd. De topspelers van vandaag dragen I-Pod’s tijdens de wedstrijdbesprekingen en twitteren vanaf het trainingsveld. Ze denken alleen nog aan grote bergen geld en waar dat te halen is en clubliefde is hen vreemd. Niet de makkelijkste sporters om mee te werken dus. Gelukkig zijn er nog voorbeelden van trainers, die het wel lukt om een connectie te maken met de patatgeneratie 2.0.

Guus Hiddink liet al na korte tijd zien dat hij een topsportklimaat kan scheppen bij Chelsea. Maar ook hij kende zijn nederlagen in het verleden in de relatie met spelers. Denk maar eens aan Edgar Davids in het Nederlands Elftal. Leo Beenhakker komt terug uit Polen en zal vanaf moment 1 een kenmerkende en allesverzengende warmte uitstralen over alles wat maar met Feyenoord te maken heeft. Zij het niet meer als trainer. Die taak is volgend seizoen weggelegd voor Mario Been.

Been is een prettige no nonsense-guy en bovendien als voormalig topspeler al twee seizoenen succesvol als trainer met beperkt materiaal bij N.E.C. Feyenoord zal zich volgend(e) seizoen(en) ook moeten behelpen met minder materiaal (minder geld) en dus was de tijd bij N.E.C. een perfecte leerschool voor Been. Een andere bewezen klasbak is Louis Van Gaal. Hij speelt twee van de laatste drie seizoenen de sterren van de hemel met een traditionele subtopper uit Nederland. Van Gaal was zelf geen topspeler. Maar wel een onderwijzer, een man die het spel ziet (doordat hij zelf niet snel was) en een man die een topsportklimaat kan scheppen.

Hij volhardde in zijn visie, door niet op te stappen, vorig seizoen toen het slecht ging. En hij had een voorzitter die het vertrouwen bleef houden en hem liet zitten. Buitenlanders als Benitez, Wenger en Ferguson laten zien dat ze geloven in hun voetbalvisie. Ze volharden, ook in de moeilijke jaren en oogsten daardoor keer op keer. Maar ze krijgen daartoe ook de kans, door zich niet druk te hoeven maken over ontslag, na een zeperd. Een mooi voorbeeld van een rots in de branding in de Eredivisie is Ron Jans, die de tijd kreeg om Groningen neer te zetten en nu een prima team heeft staan.

Trainers bedienen zichzelf ook van verwerpelijk gedrag

Een coach als Wiljan Vloet (ex-Sparta, ex-Groningen, ex-Roda) staat meer bekend om zijn personificatie van een heuse brulaap, dan om zijn leidinggevende, invoelende en onderwijzende talenten. Een man als Foeke Booy krijgt een contract als TD bij Utrecht en zeikt alvast z’n huidige ex-club volledig af in de media. Een aap als Ronald Koeman zag een trein, die maar 1 keer in het leven voorbij zou komen naar Valencia en zit nu met de gebakken peren thuis. Bij al zijn clubs (Vitesse, Ajax, PSV) kocht hij veel overbetaalde mislukkelingen in, omdat hij zichzelf ziet als een ‘prijzencoach voor de korte termijn’.

Volledig bewust dat hij clubs achterlaat met problemen op de lange termijn met duurbetaalde tribuneklanten (Alleen al bij Ajax: Soetaers, Machlas, Anastasiou, Charisteas, Sonck etc.). Koeman lijkt me echter wel een vrij goede trainer. Misschien komt dat door het feit dat hij topspeler was, dat hij niet volledig onklaar gemaakt wordt door zijn korte-termijndenken. Echte prutsers zijn mannen als Andries Jonker, die makker Fonsie Groenendijk naar voren duwt als coach bij Willem II om hem te vervangen, als de prestaties even tegenzitten (Lees: Frank Demouge vergeet hoe hij moet scoren).

Eerder nam hij als assistent schaamteloos de plek van zijn buddy Dennis van der Zee over in Tilburg. Coach Ernie Brandts tilde NAC naar een hoger niveau en mocht als bedankje verdwijnen. Mazzeltje voor voorzitter Mommers in Breda, dat vervanger Robert Maaskant het ook goed doet. Een andere prutser is de Belgische Nederlander Harm van Veldhoven, die als schoothondje van Nol Hendriks Raymond Atteveld opvolgde. Hij is een echte conspiracy-denker. De KNVB wil Roda in de Eerste Divisie hebben en heeft de wedstrijdarbitrage als middel gekozen om dat te verwezenlijken.

Volgens Van Veldhoven. Dat zijn spelers ondertussen Atteveld graag terug zouden zien als coach moet hem volledig ontgaan zijn. Van Veldhoven beklaagd zich ook in België over de Nederlandse sportpers. Programma’s als Studio Voetbal van de NOS en Voetbal International van RTL fileren de coach op barbaarse wijze, volgens hem. Beter concentreert de coach zich op de beste opstelling, met zijn selectie met voldoende talent voor een plaats in de subtop van de Eredivisie. Dit jaar is het echter degradatievoetbal wat de klok slaat in Kerkrade.

Geen droombaan, maar een hondenbaan

Het lijkt een mooie baan: voetbaltrainer in de Eredivisie. Een goed betaalde baan. Maar je naam wordt zo door het slijk gehaald als de waan van de dag zich tegen je keert. Als de verwende patatgeneratie 2.0-kids besluiten hun kont in de krib te gooien en het verder te verrekken. Daar zit je dan met je mooie plannen en je wedstrijd- en spelfilosofie. Je spelers doen waar ze zelf zin in hebben in het veld en proberen zich persoonlijk te profileren. Met incoherent spel en boze fans met witte zakdoekjes ten gevolg. Mensen die je het verminkte lichaam van je eigen huisdier in een geschenkverpakking sturen.

Je bent babysitter voor een groep opgroeiende tieners, die zo snel mogelijk naar warmere oorden willen verkassen. Je colleges zijn aan dovemansoren gericht en je kunt je team niet zo lang bij elkaar houden, dat je kunt profiteren van de automatismen in het spel, die zo broodnodig zijn om het supersnelle tempo van het internationale topvoetbal te kunnen volgen. Als een bezetene probeer je je positie te behouden. Ook al weet je zelf dondersgoed, dat je geen enkele invloed meer hebt op de prestaties van je elftal in het veld.

Een onzekere baan, voetbaltrainer. En een overgewaardeerde. Succescoach Ernst Happel had meestal weinig diepzinnigere opmerkingen dan: “Niet loellen, gewoon fussballen!” (in Oostenrijks accent). Maar daarmee schepte hij wel een sfeer. En hij zette de toon qua discipline. En daarmee behaalde hij succes. Een hedendaagse voetbaltrainer is niet meer dan een goede of minder goede sfeerbepaler. Slechts een handjevol trainers kunnen een speler nog op de ambachtelijke wijze ‘beter maken’.

Daarbij geloof ik in bondscoach Bert van Marwijk, die het huidige Nederlandse Elftal volledig indoctrineert met het belang en de mogelijkheid van succes op het volgende WK 2010 in Zuid-Afrika. Ook Bert is er een van het groepje bewezen professionals, die het spel zien en om kunnen gaan met een groep mensen. Al in de kwalificatie maakt hij het team duidelijk dat het als team moet functioneren. En daarbij hoort ook je teleurstelling over een plaats op de bank snel verwerken en je teamgenoten aanmoedigen. En dan knallen als je er toch nog in mag. Zoals Wesley Sneijder heel goed begrepen lijkt te hebben, na enig mokken.

Lees Siemen’s Grand Finale, die plaatsvindt in het Noorden van het land, met Paul Krabbe van FC Emmen, Stanley Menzo van Cambuur en Jan Everse (ex-FC Zwolle) op de Nederlandse topsportsite TobSport.nl


Categorieën: Achtergronden · Eredivisie · Jupiler League · Marco van Basten · Nederland · Nederlands elftal · Sport · Voetbal
getagged: , , , , , , , , , , , , , , , , , , ,

De ‘Liga der Lage Landen’ (een BeNeLiga voor Nederland en België)

maart 25, 2009 · 1 Reactie

De ‘Liga der Lage Landen’

Een gezamenlijke voetbalcompetitie voor Nederland en België

Door GERSON HEIDINGA, TobSport.nl

Gepost op: 23-03-2009.

In dit artikel:

· Een pleidooi voor een Belgisch-Nederlandse voetbalcompetitie

· Een introductie van de historische voorvechters van een dergelijk idee

· Een beschrijving van de clubs, die waardig genoeg zijn om deel te nemen

· Een TobSport-concept voor de opzet van de gezamenlijke competitie

De ‘BENE-Liga’, De ‘BeNeLux-competitie’, De ‘Atlantic League’ : allemaal bestaande ideeën voor een aantal kleinere voetballanden om tot een gezamenlijke competitie te komen. Een competitie die financieel aantrekkelijker is dan het huidige, nationale alternatief, met een hoger niveau van het spel. Financieel aantrekkelijker, omdat een grotere markt meer inkomsten uit televisiegelden, bezoekers en sponsoren kan genereren. En een verhoging van het spelniveau zal optreden, omdat de toegenomen inkomsten en exposure de liga en clubs aantrekkelijker maken voor (betere) buitenlandse spelers en voor de eigen nationale talenten om langer actief blijven in de nationale topleague.

UEFA-voorzitter Michel Platini bracht het aloude concept voor gezamenlijke Europese competities recent maar weer eens onder de aandacht. Als zijnde “de enige kans voor clubs in kleinere competities om zich weer aan te sluiten bij Europese de top”. Platini pleit voor een Balkan-competitie om de gloriedagen van voor de versplintering van het oude Joegoslavië terug te brengen. Maar hij pleit ook voor een gezamenlijke competitie tussen Nederland en België. Platini wil het groots aanpakken: er moet goed nagedacht worden over promotie- en degradatieregelingen en het bestaansrecht en de inrichting van de tweede en derde klassen onder de hoofdliga. Het geluid van de UEFA, vanuit de mond van Platini, is verfrissend te noemen, aangezien men eerder een stokje stak voor gezamenlijke initiatieven tussen landen.

De KNVB toont zich onwrikbaar als altijd

De KNVB reageert bij monde van Henk Kesler op de oproep van Platini door aan te geven zich tegenwoordig niet meer bezig te houden met dergelijke zaken: “Jaren geleden is het al uitgezocht en de clubs wilden niet”. De KNVB-baas argumenteert vervolgens ‘sterk’. Persoonlijk vindt hij voorstel van Platini een geval van “visionair denken” en vat zijn eigen duiding vervolgens op als zijnde iets negatiefs en “gelooft er DAAROM niet in”. In 2006 pleitte de toenmalige bondscoach van het Nederlands Elftal, Marco van Basten al voor een gezamenlijke Belgisch-Nederlandse competie om “het gat met de rijke landen te dichten”. Hij repte over de BENE-Liga, een idee van de legendarische PSV-preses Harry van Raaij.

Ook toen al toonde de KNVB zich tegenstander van een gezamenlijke competitie, waarin zij natuurlijk niet meer alleen het beleid zou kunnen bepalen. Het idee van Van Basten werd in een officiële verklaring, ondertekend door Kesler, weggewoven als “een leuk idee, maar ook een utopie”. Destijds beargumenteerde Kesler de afwijzing beter, omdat uit ‘de studie uit het verleden’ zou zijn gebleken, dat een gezamenlijke competitie “economisch oninteressant” is. Een onderzoeksresultaat, dat mede door de economische crisis, tegenwoordig waarschijnlijk nog maar moeilijk stand zou houden. Bovendien is de inhoud en opzet van het onderzoek, waaraan de KNVB refereert voor de buitenwereld volstrekt onduidelijk. De KNVB geeft aan dat in ieder geval de Nederlandse clubs geënquêteerd zijn.

Het verkrijgen van bruikbare resultaten uit een enquête valt of staat natuurlijk met het toepassen van de juiste vraagstelling. Zonder een instant-fear-appeal in te bouwen in de vragenlijst. De topclubs gaven na de enquete aan dat ze niet zitten te wachten op een ‘wedstrijdje Moeskroen uit’. Maar een sterke BENE-liga zou natuurlijk garant moeten staan voor een groter aantal topwedstrijden. En meer topwedstrijden betekent meer verdiensten. “Economisch oninteressant”? Beter laat de KNVB de gezamenlijke competitie opnieuw onderzoeken! De Belgen wachten af, blijkt uit een quote uit 2006 van KBVB-preses Jan Peeters over het plan van Van Raaij/Van Basten: ”Goh, hier is al jaren niet meer over gesproken. Destijds heeft de Nederlandse voetbalbond besloten dat idee niet door te zetten. Dus ik wacht eerst maar een telefoontje van de KNVB af, voordat ik hier op reageer. Nee, op voorhand afwijzen doe ik het ook niet.” In België wacht men ondertussen waarschijnlijk nog steeds af…

Voetbalvisionair Van Basten recyclede een idee van PSV-voorzitter Van Raaij

Van Basten wilde in 2006 de 10 beste Nederlandse clubs het tegen de 6 beste clubs uit België laten opnemen. Dit zou “sportief en financieel aantrekkelijker zijn” dan de huidige variant met afzonderlijke competities. Van Basten verkoos dit alternatief destijds boven de toen nog niet ingevoerde play-offs in de Nederlandse Eredivisie. De verhouding tussen de nationale clubs zou volgens een rekenmodel moeten plaatsvinden vogens Van Basten, maar de Utrechter gaf alvast een opzetje met de door hem gekozen verhouding tussen clubs uit de beide landen.

Maar de grootste voorvechter van nieuwe competitieopzetten was toch legendarische PSV-preses Harry van Raaij. In 2003 en eerder al pleitte hij voor een BeNeLiga of BeNeLux-competitie met 16 clubs met het Nederlands als voertaal. De Walen moeten zich daaraan aanpassen en een eventuele club uit Luxemburg ook. Van Raaij pleitte in een interview met De Standaard voor de deelname door maximaal 2 clubs uit Wallonië. Bovendien wilde hij uit het economische oogpunt van effectiviteit in management en uitingen geen tweetalige organisatie. Van Raaij nam ook deel aan besprekingen over het oprichten van een ‘Atlantic League’ met clubs uit Nederland, België, Schotland, Portugal en de Scandinavische landen.

De Scandinaviërs haakten af en startten een gezamenlijk bekertoernooi, de ‘Royal League’. Een studie naar de mogelijkheden van de Atlantic League zorgde voor enthousiasme bij de resterende landen aan de Atlantische oceaan, plus eventueel Turkije. De UEFA gaf echter een veto voor het Atlantische alternatief. Te weinig samenhang tussen de competities, te grote afstanden. Dit besluit leidde tot een afwachtende houding van Portugal en Schotland, maar de interesse is nog niet verdwenen in deze landen. Harry van Raaij zette ondertussen stug door en probeerde het idee van een BeNeLux-competitie te slijten aan de UEFA. Van Raaij wees op het regionale karakter van de door hem beoogde liga.

Hij startte een reeks van “aftastende gesprekken” met de voorzitter van Anderlecht, Michel Verschueren. Verschueren had al vanaf 1996 veel inzet getoond voor een gezamenlijke competitie. Van Raaij’s motivatie voor het opzetten van een gezamenlijke competitie was zijn verwachting, dat een Europese liga zeker zou ontstaan in de toekomst. “Als wij als België en Nederland niet op tijd stappen ondernemen, zal die Europese competitie bepaald worden door drie of vier landen. Dus moet je nu bouwen om er straks bij te zijn’, zei hij tegen het Eindhovens Dagblad. De BeNeLux-competitie dus, als een springplank voor de Euroleague, met Schotland en Portugal.

Anderlecht-voorzitter Michel Verschueren verdient alle credits

Van Raaij was dus niet de eerste die met het plan voor een gezamenlijke Belgisch-Nederlandse competitie kwam. Anderlecht-voorzitter Michel Verschueren pleitte in 1996 al voor het plan. In België werd hij zeker serieus genomen, maar zelfs een gezamenlijk toernooi voorafgegaan door meetings met Nederland (Euro2000) trok niet alle beleidsbepalers in Nederland en België over de streep om actie te ondernemen. Verschueren was zelfs in 1999 naar Holland vertrokken om een exposé te houden om te pleiten voor een gezamenlijke competitie. 62% van de aanwezigen had toendertijd ‘pro’ gestemd, waaronder vertegenwoordigers van de KNVB, Willem II en Ajax (Beneleague.eu). Na het toernooi om het Europees kampioenschap in beide landen pleit Verschueren opnieuw voor een gezamenlijke competitie, waarop Ajax en PSV positief reageren. De clubs gaan om tafel maar er gebeurt weinig.

De Belgen kennen een controverse in eigen land tussen grote en kleine clubs over het verdelen van de televisiegelden. Destemeer reden voor de Belgische topclubs om opnieuw in 2002 en 2003 te pleiten voor een BeNeLiga. Ze krijgen dus actieve bijval van Van Raaij, die echter de taalproblemen in België wil laten. De Walen blijken beduidend minder enthousiast over de samenwerking met Nederland dan de Vlamingen. De G5, de grote 5 Belgische clubs zijn de kleintjes zat en starten een onderzoek naar de mogelijkheden. Dit leidt tot een overleg tussen de KBVB en de KNVB (in Augustus 2003, na een wedstrijd tussen Oranje en de Rode Duivels), waarin wordt bepaald dat er een studie gedaan zal worden naar het onderwerp.

De beroemde studie, waaraan de KNVB refereert? De site Euroleague.eu publiceert een artikel van Voetbalkrant.com, waarin gesteld wordt, dat het hier ging om “het oprichten van een werkgroep, die de haalbaarheid van een gezamenlijk BEKER-toernooi moest onderzoeken, de zogenaamde BeNe-Cup”. Maar wat blijkt, volgens de Voetbalkrant: “Een resultaat zou er echter nooit komen”. En erger nog: “Daarmee is het laatste echt nuttige over een BeNe-Liga gezegd, sinds die bewuste interland is het enkel maar bij verregaande discussies tussen supporters en media gebleven”. Men hikte op beleidsniveau waarschijnlijk ook aan tegen een ingecalculeerd lagere aantal toegekende startbewijzen voor de Europese competities bij het participeren in een gezamenlijke liga. Van Raaij en Verschueren gingen het daarna rustiger aandoen in de voetballerij. Beiden legden hun functie uiteindelijk neer bij PSV en Anderlecht.

Waar zijn dan de nieuwe innovatoren in het hedendaagse voetballandschap? Dirk Scheringa uit Alkmaar probeert zijn goede innovatieve ideeën te verkopen, maar wordt uitgelachen. Twente, Heerenveen en Groningen lijken op een moderne en professionele manier ‘gemanaged’ te worden en zo klaar te zijn voor een BeNeLiga, maar hoe zit het met onze traditionele Nederlandse top 3? Van Basten moet nog voor zijn. Directeur Reker bij PSV is vooral onberekenbaar en lijkt voldoende aan zijn hoofd te hebben wat betreft de eigen gelederen. Bij Feyenoord houdt men het bankrekeningsaldo even iets meer in de gaten dan dergelijke initiatieven. Nadat Van Raaij en Verschueren een stapje terug deden bleef het stil.

De meest markante propagandist van een BeNe-Liga in de jaren erna was gek genoeg voormalig Minister van Buitenlandse Zaken van Nederland, Ben Bot. Hij stelde dat een gezamenlijke competitie “onze bevolkingen in de verleiding zou kunnen brengen wat meer belangstelling voor elkaar te hebben. De clubs zouden ook meer mogelijkheden hebben om zich te verweren tegen de rijkere clubs in grotere competities elders in Europa. Stelt u zich eens een competitie voor met wedstrijden als Club Brugge-Ajax, Feyenoord-Anderlecht, Antwerp-PSV en Standard-Utrecht!”

De KNVB en KBVB zijn wederom aan zet…

Naar nu blijkt stelde het hele ‘onderzoek’, waaraan de KNVB steeds maar refereert om een gezamenlijke competitie te diskwalificeren geen moer voor. Men onderzocht slechts een gezamenlijke bekercompetitie en niet een gezamenlijke reguliere competitie. Argumenten als “de clubs wilden niet” en dat de liga “economisch oninteressant” zou zijn, zijn lariekoek en apekool. Beter bezinnen Kesler en zijn Belgische collega zich op hun desinteresse en laat men gedegen onderzoek uitvoeren. Platini bij de UEFA is al om en we moeten niet te licht tillen aan de voorspelling van visionair Van Raaij: Een Euroleague komt er op termijn en als je in de toekomst wat te zeggen wilt hebben, zul je nu groei moeten realiseren om een realistische gesprekspartner te blijven voor de grote landen. Heeft u de verhoudingen in de Champions League kwartfinales gezien? Premier League en Primera Division wat de klok slaat. Zelfs Franse, Italiaanse en Duitse clubs hebben al moeite met aanhaken.

Daarom is hier:

TobSport’s versie van een ‘Liga der Lage Landen’

De 14 clubs van de Liga der Lage Landen, met een korte beschrijving, worden aan u voorgesteld op de site http://www.tobsport.nl

Klik hier om het hele artikel inclusief TobSport-conclusie te lezen.

Categorieën: Achtergronden · Eredivisie · Europees kampioenschap voetbal · Jupiler League · Marco van Basten · Nederland · Nederlands elftal · Sport · Voetbal · gerson heidinga
getagged: , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , ,

De kredietcrisis in de sportwereld:

maart 17, 2009 · Laat een reactie achter

Profleagues en –clubs halen de broekriem aan

Door GERSON HEIDINGA, TobSport.nl

Gepost op: 16-03-2009.

Het nieuwe economische tijdperk vraagt om besef bij de topsporter, dat zijn vette bankrekening mogelijk wordt gemaakt door het publiek. Maar er is ook besef nodig bij het publiek, dat in tegenstelling tot populaire beeldvorming niet iedere topsporter zich zo makkelijk financieel vrijwaart voor het beoefenen van zijn sport. Sporters die actief zijn in de minder populaire (televisie-)sporten zullen het nog moeilijk krijgen wanneer sponsoren hun hand op de knip houden…

In dit artikel:

· Zwaar financieel weer voor de clubs in de Nederlandse Eredivisie en Eerste Divisie voetbal.

· De basketballbond NBA stelt een noodkrediet van 200 miljoen dollar beschikbaar voor clubs.

· Teams in de Formule 1 gaan drastisch bezuinigen op de kosten en maken nieuwe afspraken.

· Concurrenten op de golfbaan zijn blij met de terugkeer van Tiger Woods na een knieblessure.

De gevolgen van de financieringscrisis treffen ook de sportwereld

Als een niet onbelangrijk deel van de reguliere economie ontkomt ook de professionele sportwereld niet aan de huidige financiële malaise. Het lospeuteren van geld voor investeringen is erg moeilijk geworden. Consumenten en dus potentiële toeschouwers letten op de kleintjes en houden hun hand op de knip. Je zou bovendien kunnen zeggen, dat de spending-frenzy die reguliere kredietcrisis veroorzaakte ook al jaren standard-practice is in topsportland. Het vat is natuurlijk een keer leeg. De torenhoge spelerssalarissen in sommige sporten wegen op dit moment niet meer op tegen de inkomsten uit reclame, de verkoop van rechten en de omzet die behaald wordt op de betalende bezoekers.

In de reguliere economie leenden banken onverantwoord hoge bedragen uit, ontvingen topfunctionarissen torenhoge salarissen met bonusconstructies en werden bedrijven gesloopt door aandeelhouders, die volledig voor de korte-termijnwinst gingen. Nog een overeenkomst: in de topsportwereld krijgt een management van passanten in vele gevallen de vrije hand om een op de lange duur destructieve en geldverslindende korte-termijnstrategie te implementeren. De relatie tussen de problemen in de sportwereld en die in de ‘echte wereld’ is ook eenvoudig te verklaren. Inkomsten uit participatie van het bedrijfsleven en dure contracten voor uitzendrechten zijn onmisbaar om de mondiale concurrentieslag in de sport bij te houden.

Een tijdperk van bezuinigingen, maar ook… kansen!

Wereldleiders spraken over de verwachte problemen ten gevolge van de kredietcrisis en de daaropvolgende financieringscrisis van het huidige moment. Zij benadrukten niet slechts de offers die we zullen moeten brengen, maar ook de kansen die we gaan krijgen. Kansen om een nieuwe economie te realiseren. Een sustainable-economy, gericht op duurzaamheid. Maar ook een economie gedreven door het opbouwen en vermarkten van kennis en het investeren in innovatie. In de wereld van de professionele sport zal dezelfde wind waaien. Het vet wordt eraf gesneden in de budgetten in diverse sporten, waardoor we uiteindelijk een financieel gezondere, meer innovatie en meer realistische sportwereld terug krijgen.

Er zullen sportorganisaties en clubs verdwijnen en budgetten en salarissen zullen dalen. Er zal waarschijnlijk een verdere professionaliseringsslag optreden in het budgetteren van sporten. Onzinnige kostenposten zullen verdwijnen. Schuldenlasten zullen teruggebracht moeten worden om massale faillissementen te voorkomen. Bij lege plekken in de stadions zal de entreeprijs dalen en spelers, trainers en personeelsleden van clubs zullen deze ontwikkeling in hun geldbuidel voelen. Hierdoor kunnen in diverse sporten ook nieuwe machtsverhoudingen ontstaan tussen het publiek, de media, sportliga’s, clubs en trainers en spelers. Het kan zelfs zo ver gaan, dat complete evenementen afgelast worden.

En niet de minste. Zo werd deze week het WK Paaldansen afgelast wegens een financieringsprobleem. Een sponsor kwam door de crisis niet op tijd over de brug. Gelukkig springt Natasja Jansen van paaldansschool Chalans nog enigszins in de bres voor het smachtende publiek en voor 12 deelneemsters, die in een kleinere zaal hun kunsten mogen vertonen. Het officiële WK wordt gewoon volgend jaar weer gehouden. Een ondenkbare situatie in meer professionele sporten. Waar de actoren echter op beduidend minder sympathie mogen rekenen. Het publiek stoort zich al jaren aan de in hun ogen te hoge spelerssalarissen die betaald worden in veel sporten. Ze ergeren zich aan clubs die schijnbaar zonder gevolg torenhoge schulden mogen maken, terwijl de eigen inboedel te koop moet worden aangeboden via veilingsites.

Ze zouden wel eens kunnen besluiten om het stadion voortaan (meer en meer) links te laten liggen. Volledig bewust van deze gedachte klaag je als sporter niet als je tegenwoordig in een Volkswagen Passat rijdt in plaats van die Mercedes of BMW. Het nieuwe economische tijdperk vraagt om besef bij de topsporter, dat zijn vette bankrekening mogelijk wordt gemaakt door het publiek. Maar er is ook besef nodig bij het publiek, dat niet iedere topsporter zich zo makkelijk financieel vrijwaart voor het beoefenen van zijn sport. Sporters die actief zijn in de minder populaire (tv-)topsporten zullen het nog moeilijk krijgen…

Lees het hele artikel over de o.a. financiele malaise in de PGA Tour Golf met Tiger Woods , De Formule 1 en de Nederlandse Eerste Divisie voetbal (de Jupiler League) op de site TobSport.nl.

Categorieën: Achtergronden · Basketball · Eredivisie · Jupiler League · NBA · Nederland · Sport · Voetbal · Zonder categorie · gerson heidinga
getagged: , , , , , , , , , , , , , , , , , , , ,

Het NBA All-Star Weekend:

maart 6, 2009 · Laat een reactie achter

WebSport-Tv: 25 jaar Slam Dunk Contest

Door GERSON HEIDINGA, TobSport.nl

Gepost op: 03-03-2009.

De dunk. De meest spectaculaire actie in het basketball en misschien wel de meest aantrekkelijke actie van alle sporten. Een dunk is meer dan twee gescoorde punten in een wedstrijd. Het is een statement, een kans om je mannelijkheid laten zien ten opzichte van de tegenstander en een manier om het momentum in een wedstrijd te laten kantelen, door het publiek gek te maken…

Halverwege het seizoen, in de voorgaande maand februari, organiseert de NBA traditiegetrouw het All-Star-Weekend. Ditmaal vond het evenement plaats in het suffe woestijnstadje Phoenix in Arizona. Fans en coaches selecteren de beste spelers (de NBA All-Stars) voor een eenmalige wedstrijd als reclame voor het basketball en de NBA als liga. Eerste- en tweedejaars profs komen daarnaast tegen elkaar uit in een aparte wedstrijd. Er is een driepunterwedstrijd. Een parcours met obstakels dat zo snel mogelijk moet worden afgelegd en om een goede balbeheersing vraagt. Het bekende basketballspelletje ‘H-O-R-S-E’ wordt gespeeld, waarbij letters verdiend worden met schoten van verschillende plekken op het veld.

Er is ook een wedstrijd met gemengde teams, die hun gedeelde speelstad verdedigen. Ze moeten ook van verschillende plekken op het veld scoren en dat zo snel mogelijk. Hieraan nemen deel een huidige NBA-speler, een legende van vroeger en een dame uit de WNBA. Dit alles ter meerdere eer en glorie van de basketball-sport. Maar wel een promotiemiddel dat aan hevige slijtage onderhevig is. Die slijtage is na de millenniumwisseling het best zichtbaar bij het meest spectaculaire onderdeel van het All-Star-weekend: De NBA Slam Dunk Contest. Trendsgewijs gezien komen echt hoogstaande dunkwedstrijden weinig meer voor, net als lange ijsperioden in Nederland. De laatste drie jaar hebben we echter weinig te klagen. De NBA Slam Dunk Contest van 2009 bracht ons onder andere Nate Robinson en Dwight Howard in hun versie van David vs. Goliath. Enthousiasme voor het dunken mag beide heren zeker niet ontzegd worden.

De geschiedenis van de NBA-dunkwedstrijd

De eerste dunkwedstrijd in de NBA werd gehouden tijdens het All-Star-weekend in 1977, maar kreeg geen vervolg. In 1984 werd de wedstrijd weer in ere hersteld. Deelnemers komen tegen elkaar uit in afvalronden en kunnen per dunk 50 punten van een vijfkoppige jury krijgen. De oorsprong van het dunkfestijn ligt eigenlijk bij een ter ziele gegane basketball-liga uit de Verenigde Staten: de A.B.A. Bij de All-Star-Game van deze league werd voor het eerst een dunkwedstrijd offciele georganiseerd, in 1976. Legendarische dunker Dr.J. won die wedstrijd met zijn vrije worplijn-dunk. Larry Nance, een lange forward (2m08) die o.a. uitkwam voor Phoenix Suns en Cleveland Cavaliers won de eerste editie van de moderne NBA-dunkwedstrijd in 1984. De competitie wist al snel weer over een ongekende populariteit te beschikken. Fans keken er naar uit.

Met name dankzij twee mannen. Meer daarover later. Elk jaar wisten spelers weer nieuwe varianten te bedenken voor de meest spectaculaire actie in het basketball en misschien wel alle sporten. Waarbij de kleinere spelers nu eens in het voordeel zijn. Een dunk ziet er vaak technisch vaardiger en explosiever uit wanneer uitgevoerd door een speler niet langer dan een slordige twee meter. Elk jaar weer dachten fans alle dunkvarianten wel gezien te hebben. En dan toch kwam er weer een onverwacht moment. Want de dunk blijft intrigeren. Ze zijn er in zoveel verschillende vormen. Van mooie bewegingen (720 graden-dunks van mixtape-kids), een buitenaards vermogen om los te komen van de aarde (Dwight Howard met een Superman-cape om) of een ongekende demonstratie van een explosie aan kracht (Shaquille O’Neal die ringen uit in 1000 stukjes brekende backboards van hard plastic scheurt in de reguliere competitie) of creativiteit (Cedric Ceballos met een blinddoek om).

Zo vlak voor de eeuwwisseling leek de trukendoos dan toch eindelijk leeg te zijn. De league en de spelers leken over het algemeen genomen minder getalenteerd te zijn dan de lichting spelers uit de jaren ’80 en ’90 (de Jordan’s, de Magic’s, de Bird’s, de Barkley’s, de Malone’s, de Olajuwon’s). Het niveau van de All-Star-Game, het hoofdevenement, daalde en trok steeds minder kijkers. Er werd niet meer geïnnoveerd tijdens de dunkcontest. Er werd alleen oude meuk herkauwd. Niet creatief en vaak niet beter dan het origineel. De NBA besloot het twee jaar voor gezien te houden. Na een succesvolle her-her-her-introductie in het jaar 2000 zit de sleet toch weer in de motivatie om deel te nemen door het gros van de spelers. Ondanks de devaluatie van de kwaliteit van de dunkers is de wedstrijd toch altijd iets speciaals gebleven voor de echte basketball-fan.

Een gevoelskwestie. En het valt niet te ontkennen: Ondanks het dalende niveau waren er toch altijd wel weer momenten om van te genieten met dunkers die er zin in hadden. TobSport neemt u in dit artikel mee langs enkele markante deelnemers aan de NBA Dunk Contest. Van de belangrijkste deelnemers van de laatste edities tot de eerste edities. In woord en beeld.

Maar eerst eren we de twee meest belangrijke deelnemers uit het verleden:

Meest memorabele participanten: Wilkins en Jordan

Twee mannen, die meer innovatie rond de ring lieten zien dan NASA in de ruimte. Twee mannen ook, die elkaar in verschillende edities tot het uiterste deden gaan om het toernooitje te kunnen winnen. Deze mannen waren ook in de reguliere competitie supersterren, in tegenstelling tot veel deelnemers van vandaag de dag. Als u een beetje van basketball weet, dan kent u hun namen al: Dominique Wilkins en Michael Jordan.

Wilkins, aka ‘The Human Highlight Film’ was een explosieve dunker, met als handelsmerk: de windmill-dunk. Bij deze dunk wordt de bal van voor de borst tegen de richting van de klok in boven het hoofd gezwaaid en met een een enorme vaart en kracht door de ring gesmeten. Naast zijn enorme sprongkracht beschikte Wilkins ook over veel kracht in zijn armen en schouders. De bal ging meestal met veel geweld door de ring.

Michael ‘Air’ Jordan was de elegante dunker, die ondanks al zijn innovaties vooral bekend staat om een herkauw-dunk. Julius Erving aka ‘Dr. J’ sprong eerder dan Jordan voor de ABA vanaf de vrijeworplijn voor een legendarische dunk. Deze dunk kreeg de bijnaam ‘Statue of Liberty’ vanwege de gelijkenis van de houding die de Doctor aannam in de lucht met het vrijheidsbeeld in New York. Michael Jordan gebruikte dunk als eerbetoon aan Dr. J. in verschillende dunkcontests. En altijd op het moment suprème.

De dunkcontests en met name de finales waarin beide heren deelnamen zijn legendarisch gebleken. Wilkins won er meer en verloor eens op discutabele wijze in de speelstad van Jordan: Chicago. Maar goed, medelijden met Jordan, met 6 NBA-kampioenschapsringen aan de vingers, is niet nodig. Wilkins en Jordan lieten samen een ongelofelijke variëteit aan creatieve dunks achter voor het nageslacht. Dunks, die bekend staan onder namen als de Skim-The-Rim, de Kiss-The-Rim, de Tomahawk, de Windmill, de 360, de Backslam met Pump, de Free Throw Line, de Off The Backboard etc.

TobSport neemt u in de volgende video’s mee langs de meest creatieve dunks uit 25 jaar NBA Dunk Contests:

25 jaar NBA Slam Dunk Contest

1984-1988 NBA Slam Dunk Contest

De eerste serie moderne NBA Dunk Contests van 1984 tot en met 1988. De tijd van de miniscule shorts en Converse als schoen van de NBA, vlak voordat de sportschoenenoorlog uitbrak. Ook een tijdperk van een gigantische stijging van de populariteit (en inkomsten) van de NBA. De Dunk Contest was nieuw, het publiek viel er direct voor en spelers zagen het als een eer om mee te mogen doen.

En enkel meedoen was niet genoeg, de beste atleten staken veel tijd in het voorbereiden van de uiteindelijke wedstrijddunks. In die jaren nam een ongekend aantal markante namen deel: o.a. Jordan en Wilkins, Atlanta’s mini-dynamietstaaf Spud Webb (1m70, over hem later meer) en de ABA/NBA-legende Dr. J. (de man met wie eigenlijk alles begon). Kortom, een collectief van levende legenden staat garant voor memorabele momenten:

Klik hier om het hele artikel op de sportsite TobSport.nl te lezen en bekijken. Het volledige artikel wordt begeleid door dunkvideo’s.

Categorieën: Achtergronden · Basketball · NBA · gerson heidinga
getagged: , , , , , , , , , , , , ,